Bij een regionale verdoving/anesthesie wordt een gedeelte van het lichaam bijvoorbeeld een arm of het gehele onderlichaam tijdelijk gevoelloos en bewegingloos gemaakt. Door een verdovingsmiddel rond een zenuw te spuiten kunnen zenuwen of zenuwbanen tijdelijk worden uitgeschakeld.

 

Bij regionale verdoving worden de zenuwen die op pijn reageren zo volledig mogelijk uitgeschakeld. Het gevoel verdwijnt soms niet helemaal. Het is normaal als u voelt dat u wordt aangeraakt. Vaak lopen de pijnzenuwen samen met de zenuwen die de spieren laten werken. Die worden met de verdoving ook tijdelijk (soms bijna 24 uur) uitgeschakeld. De spieren raken dan verlamd: ze werken tijdelijk niet.

Als de verdoving volledig is uitgewerkt, hebt u weer de normale kracht en beheersing over de spieren.